
Gasten op een recreatieterrein verwachten hetzelfde als thuis: streamen, videobellen, even bankieren, de kinderen online. Loopt dat stroef, dan wordt de eigenaar ongewild helpdesk. Daarom is dit project niet begonnen met de vraag welke zender we ophangen, maar met de vraag hoe u een terrein vol bomen, veldjes en losse gebouwen betrouwbaar bedekt. Het antwoord begon met een schep.
Wifi is draadloos, maar draadloze netwerken gedragen zich onvoorspelbaar zodra u ze op elkaar laat leunen. Twee zenders die elkaars signaal doorgeven in plaats van een eigen kabel te hebben, halveren de capaciteit bij elke stap. Op een terrein van hectares is dat het verschil tussen werken en niet werken.
Daarom is hier bewust gekozen voor bekabeld. Elke positie heeft zijn eigen lijn, en die lijn ligt in de grond.
Wij hebben de kabeltraces gegraven en de kabels door grondbuizen getrokken, van punt naar punt over het terrein. Op de posities zijn stabiele masten geplaatst, met per mast een eigen switch in een kast.
Pas daarna kwamen de zenders erop, in buitenuitvoering. De volgorde is niet toevallig: alles wat u aan een mast hangt voordat de bekabeling klopt, hangt u later opnieuw.
Dekking tot in de hoeken van het terrein, met een fundament dat over tien jaar nog uitbreidbaar is.
Op zo’n terrein hangen tientallen tot honderden onbekende apparaten aan hetzelfde net. Zonder regels legt één gast die de hele avond in hoge kwaliteit streamt de rest plat.
Daarom staat er een apart gastennetwerk met snelheidsregels per gebruiker. Iedereen krijgt genoeg, niemand krijgt alles. En het beheer van het terrein zit op een eigen netwerk daarachter, waar een gast niet bij kan.
Dit soort werk gebeurt in het laagseizoen, en dat betekent modder. Sleuven in een nat veld, masten die in de regen de grond in gaan, kasten die nog dezelfde dag dicht moeten omdat er onweer voorspeld staat.
Dat verandert niets aan de afwerking. Een kast die in de regen is opgebouwd, ziet er van binnen hetzelfde uit als een kast in een droge technische ruimte. Dat is precies waar het onderscheid zit.
En nog 1 foto van deze klus.
Ik leg hem liever een keer goed in de buis dan twee keer open.
Peter · monteur

Niet vanaf een tekening, maar op de plek zelf. Wat ligt er, wat werkt nog, en wat is er ooit half gedaan.
Kantoor zet het materiaal klaar. Geen halve dag verliezen omdat er iets niet op voorraad lag.
Je krijgt terug waar wat loopt. Dan hoeft niemand ooit meer te gokken.
Omdat bij elke draadloze stap de capaciteit ongeveer halveert. Met twee stappen houdt u een kwart over. Op een klein terrein merkt u dat nauwelijks, op een camping in het hoogseizoen merkt iedereen het tegelijk.
Dat hangt af van het aantal zenders, hun verdeling en de verbinding naar buiten. Belangrijker dan het maximum is de verdeling: met snelheidsregels per gebruiker houdt iedereen genoeg over, ook als het vol is.
Voor een betrouwbaar resultaat wel. De alternatieven zijn kabels bovengronds, die stukgaan, of draadloos doorgeven, wat capaciteit kost. Graven is eenmalig; de andere twee kosten elk seizoen opnieuw.
Ja, en dat is meestal verstandig: dezelfde masten, dezelfde kasten, dezelfde bekabeling. In gebruik houden we het gescheiden, zodat gastenverkeer en toezicht niets van elkaar merken.
Dan valt die zone weg en de rest niet, want elke mast heeft zijn eigen lijn en eigen kast. Met apparatuur die op afstand uit te lezen is, ziet u bovendien meteen welke mast het betreft in plaats van het hele terrein af te rijden.
Dat kan. Een terrein met apparatuur buiten heeft periodiek aandacht nodig: kasten controleren, doorvoeren nalopen, apparatuur bijwerken. Op afstand meekijken hoort daarbij, zodat er iemand komt voordat er iemand belt.
Omdat u bij elke stap de helft kwijtraakt. Een zender die zijn signaal van een andere overneemt, gebruikt dezelfde radio om te ontvangen en te verzenden; alles gaat dus twee keer door de lucht. Bij twee stappen houdt u nog een kwart over. Op een terrein van hectares, waar u sowieso al vecht tegen afstand en obstakels, is dat het verschil tussen een netwerk dat werkt en een netwerk waar iedereen over klaagt. Vandaar de sleuf en de eigen kabel per mast.
Reken niet in gasten maar in apparaten. Een gezin op een plek komt met vier telefoons, twee tablets en soms een spelcomputer, en die zoeken allemaal contact ook als er niemand actief iets doet. Honderd gasten zijn in de praktijk drie- tot vierhonderd apparaten. Wat het netwerk aankan wordt daarmee een kwestie van het aantal zenders, de verdeling over het terrein, en een snelheidsplafond per apparaat zodat er niet een gast met de hele lijn vandoor gaat.
Voor een netwerk dat het hele seizoen houdt wel. De alternatieven zijn zenders die elkaar draadloos voeden, en die halveren bij elke stap. Het graven zelf valt op een camping mee, want er is meestal ruimte om langs de paden te werken en het gebeurt in het laagseizoen. Wat wij altijd meeleggen is een grondbuis en een trekkoord: de sleuf is het dure deel, en bij de volgende uitbreiding hoeft die dan niet opnieuw open.
Vertel kort wat er speelt. We komen kijken, zoeken uit wat er aan de hand is en zeggen eerlijk wat er nodig is. Ook als dat minder werk voor ons betekent.
Liever meteen iemand spreken? 036 5298 447
We hebben uw aanvraag ontvangen en nemen snel contact met u op.